“Rommel opruimen werkt lichtelijk verslavend”

“Rommel opruimen werkt lichtelijk verslavend”
 

Liesbeth en Roel Rischen uit Hattem struinen regelmatig door het bos of langs de IJssel om zwerfvuil op te ruimen. Inmiddels hebben ze met een groep mede-opruimers een appgroep opgericht om het gebied gezamenlijk schoon te houden. Hoewel ze elke keer een vuilniszak kunnen vullen, houden ze de moed erin. ‘Ieder stuk plastic dat we opruimen, is er weer een minder in de natuur.’

Jullie ruimen regelmatig zwerfvuil op. Hoe is dat ontstaan?
Liesbeth: “Wij begonnen zo’n drie jaar geleden toen Roel met pensioen ging.”

Roel: “Tijdens het wandelen viel me op hoeveel rommel overal lag. Dat begon ik op te ruimen en Liesbeth deed al snel mee. Tijdens de lockdown zagen we een enorme toename van troep. Bijna dagelijks kwam ik met een of twee volle vuilniszakken thuis. Op een gegeven moment sprak ik iemand die ook troep aan het rapen was. Wat bleek, in Hattem zijn er mensen die dit al veel langer en vaker doen dan wij. Er bleken zo’n acht vrijwilligers te zijn op onze route en vele tientallen in de rest van Hattem. Dat opende mijn ogen. We hebben toen een WhatsAppgroep opgericht om samen te werken.”

Hoe ziet die samenwerking eruit?
Liesbeth: “Er zijn in Hattem verschillende appgroepen van opruimers en iedereen doet het op zijn eigen manier. Sommige groepen spreken een gezamenlijk moment af om te gaan rapen. Wij hebben drie vaste routes: langs de IJssel, langs de Hoenwaardseweg en langs het Apeldoorns Kanaal. Als wij een bepaalde route hebben gelopen, sturen we een appje, dan kan iemand anders een andere route nemen. En als we ergens lopen zonder zak en we zien veel liggen, sturen we een berichtje naar de groep. Er zijn ook mensen die zwerfvuil opruimen zonder in een appgroep te zitten, dat is natuurlijk ook prima.”
Roel: “Het is overigens wel een uitdaging om nog ‘gewoon’ te wandelen. Rommel opruimen werkt lichtelijk verslavend.”

Zakt de moed je weleens in de schoenen als je steeds opnieuw zoveel troep ziet liggen?

Liesbeth: “Ik kon in het begin nog weleens boos worden om al die zooi. Maar Roel benadert het juist heel positief. Hij zegt: ‘Ieder stuk plastic dat wij opruimen is er weer één minder in de natuur.’ En het werkt zoveel beter om niet mopperend rond te lopen, maar juist te denken: wat fijn dat het weer netjes is. Niet alleen voor jezelf, maar ook om anderen te stimuleren hetzelfde te doen. Ik heb geen harde cijfers, maar ik heb wel het idee dat het helpt.”

Wat haal je zoal op tijdens een wandeling? En wat doe je ermee?

Roel: “Blikjes en flesjes, lege pizzadozen, alles van plastic waar je uit kunt eten, ondergoed, kapotte barbecues, noem maar op. Soms ligt er glas. Als koeien dat eten, gaan ze dood.”
Liesbeth: “Sinds kort hebben we via de gemeente een pasje voor de container. Dat is handig, omdat we het vuil dan meteen kunnen storten, in plaats van het bij huis te laten staan totdat het wordt opgehaald. En we krijgen van Mooi Schoon handschoenen, zakken, grijpers en hesjes. Die hesjes trekken Roel en ik nooit aan. Mensen denken dan al snel dat je van de gemeente bent, terwijl wij het juist belangrijk vinden dat we dat níet zijn; zwerfafval opruimen is een taak van ons allemaal. Zo’n hesje is overigens wel handig als je langs de weg loopt. Je bent dan beter zichtbaar voor automobilisten.”

Krijgen jullie veel reacties tijdens het opruimen?

Roel: “Jazeker. Ik ben oud-huisarts, veel mensen kennen me. Ik hoor regelmatig: ‘Hé dokter, doet u dit uit vrije wil?’ ‘Nee hoor’, roep ik dan terug. ‘Ik heb een taakstraf’, haha. Iedere vrijwilliger krijgt opmerkingen. Vaak zijn het positieve reacties hoor. Een bedankje, een opgestoken duim. Er zijn mensen die dit al twintig jaar doen. Die werden vroeger aangekeken alsof ze gekke henkie waren. Dat is nu wel anders. Het wordt echt gewaardeerd.”

 

 

Tekst: Mirjam van Huet, MCM tekst

ä